Toch gaat de waardering voorbij aan het leidmotief dat dit boek plaatst naast dystopische klassiekers als Orwell’s 1984. Het is niet zozeer de macht van Google of Facebook die alarmeert in The Circle, maar de ‘transparantie’, onze collectieve knuffelkreet. Waar Orwell afschrikt met de dictatuur van de alleenheerser, schetst The Circle de zelfgekozen dictatuur van totale transparantie. Die belijden wij massaal via Facebook en Instagram, en leggen we ook op aan onze overheid, die zich daar braaf aan onderwerpt via luchtballonnetjes, kroegwijsheden en twitterpolitiek. De politieke en bestuurlijke daadkracht van eind vorige eeuw heet vandaag achterkamertjesgedrag: onzichtbaar en doof voor het volksgevoel. Dat is neppolitiek en dat willen we dus niet.

Ergens onderweg ontstond het misverstand dat transparantie de levensader is van democratie. In een wereld waarin we alles kunnen weten en zien, willen we ook alles weten en zien. We willen het allemaal en we willen het nu!

Maar dat massale weten leidt vooral tot politiek, maatschappelijk en zelfs wetenschappelijk populisme. Van de eenvoudige waarheden van Geert Wilders en Jan Rotmans tot de platte protesten tegen azc’s: ze deinen mee met het onomstotelijk weten van de eigen groep. De mening is er nog voor het denken begint. En met een bijna volledig sociaal bereik, dé target van het fictieve The Circle, lijkt de totale transparantie een feit. En daarmee de directe democratie, maar dan wel in zijn lelijkste vorm. The medium is the message. En hoezeer wij ook houden van media, dit kan niet de bedoeling zijn!